West-Vlaanderens Mooiste - De Roeselaarse fietsvierdaagse

Bezienswaardigheden fietsritten donderdag 23 augustus 2012

Bezienswaardigheden onderweg

DONDERDAG 22 AUGUSTUS: Thema “150 jaar Kanaal”

Kezelbergroute

De Kezelbergroute vormde in de Eerste Wereldoorlog de verbinding tussen het bezette en het bevrijde gebied. De oude spoorweglijn verbindt Roeselare met Menen en doorkruist daarbij de gemeenten Ledegem, Moorslede en Wevelgem. Langs de spoorweg liggen onder andere het meersengebied van de Heulebeek en de Kezelberg. Deze Groene As is zo’ n 8 km lang.

 

De Provincie heeft beslist om de Kezelbergroute opnieuw in te richten. Hierdoor zal het beter tegemoet komen aan de wensen van z’n recreatieve gebruikers, zoals fietsers, wandelaars, mountainbikers, ruiters en menners. Daarnaast heeft deze herinrichting meer aandacht voor het landschap en het (spoor)erfgoed langs de As. De kostprijs van dit project wordt geraamd op 2,3 miljoen euro.

 

Menen

De eerste vermelding van Menen dateert uit 1087. De stad is ontstaan aan de historische weg Brugge-Rijsel. De nabijheid van Wallonië en Frankrijk zorgde ervoor dat Menen zich in de 14de eeuw als een belangrijk lakencentrum ontwikkelde. Tijdens de eerste helft van de 16de eeuw werd de stad ook – met 104 meester-brouwers – tot ver buiten de regio bekend om zijn bier.
Door zijn strategische ligging en het grote handelsbelang van de stad, werd Menen meerdere keren bezet. Getuigen van deze bewogen geschiedenis zijn onder andere de vestingen met hun kazematten, de Leopoldkazerne, het oorlogsmonument van Yvonne Serruys op het Vander Merschplein en de Duitse militaire begraafplaats.

 

De Leie

De Leie is een rivier die in Noord-Frankrijk in Lisbourg ontspringt en in Gent in de Schelde uitmondt. De rivier is 202 km lang. Traditioneel is de Leie bekend om zijn vlaswerken. Het water is arm aan kalk en ijzer waardoor het erg geschikt is voor het roten van vlas. Ze dankt er haar bijnaam ‘De Gouden Rivier’ aan door de glans die het in de Leie gerote vlas had. In 1943 werd het roten van vlas in de Leie volledig verboden om de milieuaantasting de kop in de drukken.

 

Kortrijk

Is de centrumstad van de Leiestreek en wordt ook de Groeningestad genoemd, naar de Guldensporenslag op 11 juli 1302. Kortrijk heeft de historische reputatie als centrum van het vlas. De stad Kortrijk telt ongeveer tweehonderd beschermde gebouwen en monumenten waaronder twee de titel dragen van UNESCO-werelderfgoed: het Begijnhof en het Belfort op de Grote Markt. In Kortrijk kan je ook een aantal musea bezoeken zoals museum Kortrijk 1302, het Vlasmuseum, het Bakkerijmuseum enzovoort.

 

Kanaal Kortrijk – Bossuit (Leie – Schelde)

Dit kanaal is in het zuiden van de provincie West-Vlaanderen gelegen. Het verbindt de Schelde in Bossuit met de Leie in Kortrijk. Het kanaal wordt vrijwel uitsluitend gevoed met Scheldewater via pompstations in Bossuit en Moen. Via dit kanaal wordt ook Scheldewater aangevoerd naar het drinkwaterproductiecentrum in Harelbeke.

In 1857 werd een maatschappij opgericht om het kanaal te graven en om het voor 90 jaar uit te baten. Op die manier kon men grondstoffen vervoeren over het water zonder een omweg van 138 km naar Gent te moeten maken. Ongeveer 1200 mensen per dag werkten aan het kanaal, samen met een veertigtal paarden. Na drie jaar was het kanaal af. Maar ondanks alle inspanning bleek het uitbaten van het kanaal verlieslatend en onder druk werd het in 1890 overgenomen door de Belgische Staat.

 

Bossuit, pompstation

Het kanaal Kortrijk-Bossuit ligt hoger dan de Leie en de Schelde. Er moest dus een hoogteverschil overbrugd worden. Hiervoor moesten elf sluizen, een souterrain en een Pompstation gebouwd worden. Het Pompstation van Bossuit pompte het nodige water uit de Schelde om het kanaal te voeden. Door de toenemende scheepvaart was het rond 1970 noodzakelijk om het kanaal te verbreden. De pompen in het oude pompstation hadden niet meer voldoende kracht om het verbrede kanaal van water te voorzien. Daarom werd er een nieuw en modern pompstation nabij het oude gebouwd. Het oude gebouw verloor zijn functie en raakte stilaan in verval.Het werd gerenoveerd om er een toeristisch recreatief onthaalpunt van te maken. De oude pompen zijn nog steeds op hun oorspronkelijke plaats zichtbaar en vormen zowat het visitekaartje van het bezoekerscentrum.

 

De Schelde

De Schelde ontspringt in Noord-Frankrijk en baant zich over Belgisch en Nederlands grondgebied een weg naar de Noordzee. Van bron tot monding, over een afstand van maar liefst 360 kilometer, ondergaat de Schelde een ware gedaanteverwisseling: van onopvallende bron tot machtige stroom.
Bij haar ontstaan in Noord-Frankrijk ten noorden van Saint-Quentin is de Schelde niet meer dan een onopvallende bron die opborrelt op een heuvel achter een oude kloosterboerderij. Via Franse dorpjes bereikt de Schelde de Belgische grens om in West-Vlaanderen uit te groeien tot een smalle rivier. Deze rivier kronkelt door het landschap van de provincie Oost-Vlaanderen en proeft daar voor het eerst zout water. Ze vervolgt haar traject doorheen de provincie Antwerpen om ten slotte als kilometers brede Westerschelde in Nederland de Noordzee te bereiken.

 

Tiegem, met de Tiegem-berg

Tiegem is een dorpje in West-Vlaanderen en is een deelgemeente van Anzegem. Dan is er ook de Tiegemberg. De heuvel/helling wordt ook wel Vossenhol genoemd. In de jaren 60 is de weg geasfalteerd, daarvoor was het een kasseiweg. Op de Tiegemberg staat de Bergmolen uit 1880. De witte windmolen wordt ook wel de Stampersmolen genoemd. ze terug hersteld.

 

Kanaal Leie – Roeselare

De ‘kop van de vaart’ zoals het einde van het kanaal in de volksmond wordt genoemd, is één van de belangrijkste binnenhavens van ons land. Belangrijke spelers zoals de pasta van Soubry en het aanbod van Poco-Loco zijn gekende producten die hier worden gemaakt. Dit jaar is het 150 jaar geleden dat de aanzet tot het graven van het Kanaal Roeselare-Leie werd gegeven. Dit wordt in de volledige Kanaalzone gevierd met een reeks van uiteenlopende activiteiten en evenementen die de verschillende facetten van het kanaal aan bod laten komen.

 

Alexander Rodenbach is de bezieler van het vaartproject. De aanleg van het kanaal liep niet van een leien dakje. Toen het parlement in 1862 met de aanleg ervan instemde, was er al meer dan twintig jaar lobbywerk aan te pas gekomen. Alexander Rodenbach was één van de politici die jarenlang voor het kanaal ijverden. De eerste van vele oproepen tot de aanleg van een kanaal in Roeselare is al van 1842. Vanaf 1848 kreeg Rodenbach in de Kamer hulp van Barthélemy Dumortier, een volksvertegenwoordiger voor Roeselare. Zowel de hoffelijkheid van Rodenbach als de krachtige aanvallen van Dumortier leken niet direct vruchten af te werpen. Daar kwam verandering in na de realisatie van het kanaal Kortrijk-Bossuit in 1861. Dat kanaal verbond de Schelde met de Leie. Hierdoor werden zijkanalen op de Leie naar het West-Vlaamse binnenland interessanter. Rodenbach schakelde in zijn lobbywerk een tandje hoger en op 2 augustus 1862 werd het kanaal Roeselare-Leie eindelijk in de Kamer goedgekeurd.

 

Izegem

Het nationaal Schoeisel- en Borstelmuseum

Het nationaal Schoeiselmuseum is eigenlijk het blijvende resultaat van de grote tentoonstelling over het Izegemse schoeisel, die in 1966 werd georganiseerd. Een schat aan materiaal was toen verzameld, afkomstig uit eigen archief, het archief van de heemkundige kring “Ten Mandere”, de collecties en de actuele productie van de Izegemse schoenfabrikanten, schenkingen en vondsten van Izegemse missionarissen en kloosterzusters, privépersonen, enz.

Zeker al in 1770 waren er in onze stad heel wat schoen- en laarzenmakers; dat leren ons de bevolkingsregisters. Het was echter vanaf 1830, toen Edward Dierick een octrooi nam op de met koper genagelde schoenen, dat het schoenmakersambacht – en later de nijverheid – in Izegem een vlucht nam die niet meer te stuiten was.

 

Nog altijd roept de naam “Izegem” vooral het begrip “schoenenstad” op, maar daarbij vergeet men wel eens dat de borstelnijverheid eigenlijk evenveel voor de stad heeft betekend. In 1981 kon het Nationaal Borstelmuseum worden geopend.

 

Roeselare, WIEMU

In het Wielermuseum, gehuisvest in het imposante vroegere brandweerarsenaal van Roeselare, wacht je een boeiende ontdekkingsreis door de geschiedenis van de fiets en de wielrennerij.

 

Dankzij een unieke collectie ‘vélocipèdes’ brengt het Wielermuseum de hele geschiedenis van de fiets in kaart. Niet enkel het technische maar ook het sociale, recreatieve en sportieve verhaal worden geïllustreerd. Met zijn vaste collectie over de geschiedenis van de fiets en de koers, oude smidse, Jean-Pierre Monserézaal, boekvoorstellingen, praatavonden, signeersessies en steeds wisselende thematentoonstellingen is het Wielermuseum het trefpunt bij uitstek voor de fiets- en wielerfan.

 
Terug naar de fietsritten van donderdag

 

Limburg fietsvierdaagse       Logo West-Vlaanderens Mooiste, fietsvierdaagse Roeselare       Oost-Vlaanderens Mooiste


Sporters Beleven meer       Logo Volksagen Maes en Zoon      Fiets XL Roeselare

   

Koers, Wielermuseum Roeselare Coppa Grinta LM Classics   Krant van West-Vlaanderen   Nieuwsblad Grinta fietsmagazine Wielerbond Vlaanderen Radio 2 Provincie West-Vlaanderen   Wandelsport Vlaanderen
fietstoerisme in harmonie   Auto carwash rondpunt     Bikesolutions   Sportfoods   Gezinsbond Pasar   stad Roeselare